Wat zijn non-CO₂ luchtvaarteffecten?
Vanaf 1 januari 2025 moeten vliegtuigexploitanten die onder het EU ETS vallen voldoen aan de monitoring, rapportage en verificatie (MRV) van non-CO₂ luchtvaarteffecten. Dit zijn klimaateffecten en atmosferische veranderingen die worden veroorzaakt door stoffen anders dan koolstofdioxide.
Voorbeelden van non-CO₂ effecten zijn stikstofoxiden (NOₓ), waterdamp, roetdeeltjes, zwaveloxiden (SOₓ), condensstrepen en geïnduceerde cirruswolken. De verplichtingen zijn vastgelegd in de Monitoring and Reporting Regulation (MRR) en de EU ETS Directive.
Dit betekent dat je als vliegtuigexploitant niet alleen CO₂-emissies moet rapporteren, maar ook gegevens moet verzamelen en rapporteren over deze aanvullende klimaateffecten.
Onze aanpak voor non-CO₂ MRV en EU ETS compliance
Normec Verifavia ondersteunt vliegtuigexploitanten bij het voldoen aan de nieuwe EU ETS-verplichtingen voor non-CO₂ luchtvaarteffecten. Wij begeleiden je tijdens het volledige verificatieproces: van voorbereiding en monitoring tot verificatie en rapportage.
Onze aanpak bestaat uit verschillende stappen:
- Pre-engagement en scopebepaling
- Opstellen en beoordelen van het Annual Emissions Monitoring Plan (AEMP)
- Planning en risicoanalyse
- Verificatie van emissie- en vluchtgegevens
- Onafhankelijke technische review
- Verificatierapport en compliance-ondersteuning
Met deze gestructureerde aanpak zorg je ervoor dat je organisatie voldoet aan de regelgeving en risico’s minimaliseert.
De expertise van Normec Verifavia in luchtvaartverificatie
Normec Verifavia heeft meer dan 10 jaar ervaring in validatie, verificatie en audits binnen de luchtvaartsector. Onze specialisten beschikken over uitgebreide kennis van EU ETS, MRV-verplichtingen en luchtvaartemissies.
Waarom organisaties kiezen voor Normec Verifavia:
- Uitgebreide ervaring in luchtvaartverificatie
- Specialistische kennis van EU ETS en MRV
- Betrouwbare en onafhankelijke verificatie
- Ondersteuning bij compliance en audits
- Internationale ervaring binnen de luchtvaartsector
EU ETS non-CO₂ rapportage
Vliegtuigexploitanten die onder het EU ETS vallen en met straalmotorvliegtuigen vliegen, moeten voldoen aan deze nieuwe verplichting. Exploitanten moeten voor de rapportagejaren 2025 en 2026 een geografische scope kiezen:
- Reduced Scope – Vluchten binnen EER-landen
- Full Scope – Alle vluchten van en naar de EER
- In-Between Scope – Reduced scope aangevuld met een selectie van routes
Vanaf 2027 wordt Full Scope rapportage verplicht. De scope moet worden vastgelegd in het Annual Emissions Monitoring Plan (AEMP) en moet gedurende het rapportagejaar gelijk blijven.
Voor het rapportagejaar 2025 moeten exploitanten gebruikmaken van het Non-CO₂ Aviation Effects Tracking System (NEATS), ontwikkeld door de Europese Commissie. Exploitanten moeten daarnaast een berekeningsmethode kiezen (Method C, Method D of een combinatie van methoden voor Small Emitters).
Dit levert je onder andere het volgende op:
- Inzicht in non-CO₂ klimaateffecten van je vluchten
- Voldoen aan EU ETS regelgeving
- Minder risico op boetes en sancties
- Betrouwbare monitoring en rapportage
- Ondersteuning bij verificatie en audits
Voorbereid op toekomstige luchtvaart- en klimaatregelgeving
De regelgeving rondom luchtvaartemissies en klimaateffecten wordt steeds uitgebreider. Non-CO₂ luchtvaarteffecten spelen een steeds grotere rol binnen Europese klimaatwetgeving en rapportageverplichtingen.
Door nu te voldoen aan de monitoring-, rapportage- en verificatie-eisen, bereid je je organisatie voor op toekomstige regelgeving en voorkom je compliance-risico’s. Met de ondersteuning van Normec Verifavia werk je samen met een betrouwbare partner voor verificatie en compliance binnen de luchtvaartsector.
Wil je meer weten over de EU ETS-eisen?
Veelgestelde vragen
-
Dit zijn klimaateffecten van de luchtvaart die niet door CO₂ worden veroorzaakt, zoals stikstofoxiden, waterdamp, roetdeeltjes, zwaveloxiden, condensstrepen en cirruswolken.
-
De verplichting geldt vanaf 1 januari 2025 voor vliegtuigexploitanten die onder het EU-ETS vallen.
-
NEATS staat voor Non-CO₂ Aviation Effects Tracking System en is het systeem van de Europese Commissie dat wordt gebruikt voor het rapporteren van niet-CO₂-gerelateerde effecten van de luchtvaart.
-
Het AEMP is het monitoringplan waarin onder andere het geografische toepassingsgebied, de berekeningsmethode, de IT-tool en de procedures voor gegevensbeheer worden vastgelegd.
-
Het eerste rapport moet uiterlijk op 31 maart 2026 worden ingediend.
-
Methode C is verplicht voor grotere exploitanten. Methode D mag alleen worden gebruikt door kleine uitstoters die onder bepaalde drempels blijven.
-
Vanaf 1 januari 2025 moeten luchtvaartmaatschappijen de niet-CO₂-gerelateerde effecten van de luchtvaart jaarlijks monitoren en rapporteren.
-
Alle luchtvaartmaatschappijen die vliegtuigen met straalmotoren exploiteren en onder het EU-ETS vallen, moeten hieraan voldoen.
-
Exploitanten kiezen tussen een beperkte reikwijdte (vluchten binnen EER-landen, inclusief territoria), een volledige reikwijdte (alle aankomsten en vertrekken binnen de EER) of een tussenliggende reikwijdte (beperkte reikwijdte aangevuld met geselecteerde routes).
-
Vanaf 2027 moeten alle exploitanten rapporteren volgens Full Scope.
-
In 2025 moet het Non-CO₂ Aviation Effects Tracking System (NEATS) van de Europese Commissie worden gebruikt.
-
Vanaf 2026 mogen andere, door de Europese Commissie goedgekeurde tools worden gebruikt, mits deze voldoen aan de monitoring- en rapportageverordening.
-
Methode C (voor alle exploitanten), methode D (voor kleine uitstoters) of een combinatie van methoden voor kleine uitstoters.
-
Het AEMP moet het volgende bevatten: in aanmerking komende luchtvaartuigen, rapportagebereik, gekozen methode, IT-tools, gegevensverzameling en procedures voor ontbrekende gegevens.
-
Uiterlijk op 31 maart van het jaar volgend op het rapportagejaar, bijvoorbeeld 31 maart 2026 voor het rapportagejaar 2025.
-
Primaire gegevens zijn gemeten gegevens die door de vliegtuigexploitant zelf zijn verzameld. Secundaire gegevens zijn gegevens die via het NEATS-systeem kunnen worden verstrekt zonder dat de exploitant deze hoeft in te voeren.
-
Vereiste gegevens kunnen onder meer bestaan uit vluchtinformatie, vliegroute, vliegtuigkenmerken, brandstofverbruik, brandstofkenmerken en vliegtuigprestaties. Exploitanten kunnen er ook voor kiezen om secundaire gegevens en standaardwaarden in NEATS te gebruiken. Totdat NEATS beschikbaar is, moeten exploitanten minimaal per vlucht de vluchtinformatie en het vliegtuigtype monitoren.